

We brachten een bezoek aan de Gedächtniskirche in Berlijn en doken tegelijkertijd wat dieper in het bedrijf Teufel. Beide buren daar hebben namelijk meer gemeen dan menigeen weet…
De Gedächtniskirche in Berlijn is veel meer dan alleen een centraal gelegen kerk. Het is een belangrijk monument, dat na de Tweede Wereldoorlog in de staat is gehouden zoals waar hij na bombardementen uit tevoorschijn kwam. En daarmee een herinnering voor velen aan een duister hoofdstuk uit de Duitse geschiedenis. Tegelijkertijd is het nog altijd een plek waar geloof actief beleden wordt, in een nieuw en modern vormgegeven aangebouwd geheel. Dat alles samen maakt het een herkenningspunt dat jaarlijks drommen Duitse en buitenlandse toeristen trekt. Maar zeker gelijktijdig nog ‘gewoon’ als kerk fungeert.
Een van de elementen die in een beetje kerk niet mag ontbreken is een kerkorgel. En daarin zijn in die Gedächtniskirche bijzondere zaken te vinden. Zaken met name die je totaal niet verwacht in zo’n van oorsprong klassiek en mechanisch instrument. Saillant detail en een sneak preview: er is onder meer een stevige geluidsinstallatie aanwezig om de lage tonen wat meer luister bij te zetten. Geleverd door de overburen: Teufel.


We schrijven een zaterdagavond in het kloppend hart van Berlijn. De Gedächtniskirche staat vlakbij Bahnhof Zoo, het Europa center, een ander herkenningspunt in Berlijn, met winkels, restaurants, kantoren en meer). Het eraan gekoppelde kantoorgebouw met de grote Mercedes-ster erbovenop maakt het vinden van die bestemming erg eenvoudig. Aanpalend is verder de Kurfürstendamm, een onderdeel van zowel winkelgebied als uitgaansgelegenheid. Kortom: het is lekker druk. Voor de ingang van het moderne deel van de Gedächtniskirche staat een rij mensen. Om zes uur begint een concert op het orgel. Eenmaal binnen valt de meerhoekige ruimte met z’n moderne, blauwe beschilderde glasblokken op. En natuurlijk dat orgel.
Nu zullen de meeste mensen geen extreme fan zijn van kerkorgelmuziek, maar dat is het leuke van dit soort concerten: het kan dan van alles zijn. Toch is het publiek wel grotendeels grijsbehaard, op een enkele uitzondering na. Maar de zaal zit hoe dan ook goed vol. De verrassend jonge (piepjonge, voor het genoemde publiek eigenlijk) Sebastian Heindl speelt de sterren van de hemel.
Old school en modern samen
Wat velen niet weten, is dat ze luisteren naar een hybride mix van échte orgelpijpen en een gesampled deel aan instrumenten (of beter: instrumentenbanken die dan samen weer een register vormen). En wat ook bij een flink deel van de luisteraars niet bekend zal zijn, is dat er een stevige geluidsinstallatie aanwezig is om het laag kracht bij te zetten. Dat was absoluut nodig in deze akoestisch gezien wat ‘onhandige’ ruimte. En dus zocht het bestuur van de kerk contact met Teufel. Zij bouwden een installatie met cinema-subwoofers voor de digitale registers tot frequenties vanaf 16 Hz.


Dat beviel zo goed dat kerkmuzikant Helmut Hoeft en prof. Wolfgang – heren met verstand van zaken aangaande dit orgel – besloten om voor de tweede fase van de orgeluitbreiding voor andere specifieke onderdelen werd aangevraagd. Dat leidde onder meer tot een speakersysteem met twee Teufel Cubycon US 5305/6 subwoofers in het zogeheten zwelwerk. Dat is een opening met lamellen waarmee de organist het geluid van de achterliggende orgelpijpen (en nu dus ook andere hardware…) ‘harder’ of ‘zachter’ kan laten klinken. Door die twee subs kan dit onderdeel nu ook veel meer de diepte in qua frequentie, vanaf 30 Hz.
Verder werd gezorgd voor een Midi-ingang, zodat er tal van interessante mogelijkheden ontstaan die ver voorbij traditionele kerkmuziek gaan. Niet helemaal vreemd dat studenten van de Universität der Künste zich daar door de uitgebreide klankmogelijkheden heerlijk kunnen uitleven op een niet bepaald standaard orgel! En dat leidt dan weer tot die genoemde composities die lang niet altijd onder de noemer klassieke muziek vallen. Zo horen we die zaterdagavond bijvoorbeeld door de genoemde Heindl voor orgel bewerkte klaviersonate van Mozart. Opvallend zijn de soms toch wel verrassende klanken die te horen zijn en het veelal gezapige kerkgeluid een eind ontstijgen.
Knoppen!
Toegegeven: ondergetekende is geen kerkganger, en is geen extreme liefhebber van kerkorgelmuziek. Da’s meer zoiets van ‘ach, het hoort erbij he’. Maar bijzondere en technische hoogstandjes vind ik dan weer wel heel interessant. En als dan de muziek ook nog eens niet zo standaard is als wat je toch stiekem een beetje verwacht, is dat alleen maar leuk. Na afloop nog even naar de cockpit van het orgel gaan kijken, vanzelfsprekend. Inderdaad: daar is ie: de midi-aansluiting rechts van het meerlagige keyboard (mag je dat eigenlijk zo noemen bij een instrument als dit…?) En op een console links heel veel aantrekkelijke knoppen. Met de bovenste rijen kies je – zo legt de organist uit – de digitale instrumenten en de onderste rijen geven toegang tot de traditionele orgelpijpen, fluiten en hoorns. ‘Speel er maar even wat mee, ik moet nog wat regelen’.


Tja, als niet musicus is dat geen eenvoudige opdracht. Maar al die knopjes zijn toch wel heel erg uitnodigend. En warempel: drukken op de digitale selectie ontlokt zowaar enige klanken aan het orgel boven je hoofd. Laag kan ook echt laag bijvoorbeeld. Er zitten ook bijzondere klanken tussen. Feitelijk best bruikbaar als achtergrondje voor moderne muziek. Grote kans echter dat dát door de meeste orgelspelers ongetwijfeld als vloeken in de kerk beschouwd wordt. Na een half uurtje alle knoppen uitgeprobeerd te hebben klinkt een stem van een eind lager. De conciërge met de vraag of ik van plan ben nog lang te blijven zitten. De organist was me glad vergeten. En vriend conciërge – de goede man – vond het opvallend dat het orgel vreemde geluiden produceerde. Zonder dat was het waarschijnlijk een lange nacht in een lege kerk geworden.


Op naar Teufel
Hoe dan ook: het idee om klassieke techniek met moderne techniek te koppelen, is natuurlijk verdraaid interessant. Het zal ongetwijfeld niet ‘t enige kerkorgel zijn waar dit gebeurt, maar dit lag toevallig op de route. En tja, dan wint de nieuwsgierigheid het toch. Extra bijzonder is het uiteraard dat een belangrijk deel van de installatie door Teufel is geleverd. En dat die fabrikant ook nog naast de deur – op de kantoorafdelingen van het Europa Center z’n apparatuur ontwerpt. Kortom: uiteraard ook daar nog even langsgelopen.
Want Berlijn is natuurlijk de plek waar het allemaal begon voor ze eind jaren zeventig. De grote en strak vormgegeven flagship store is dan ook een must voor iedere liefhebber van hifi en meer betaalbare high-end. Op straatniveau staan alle bekende speakers, apparatuur, hoofdtelefoons en in-ears van het merk opgesteld. Beneden is een mooie luisterruimte waar de meest recente Cinebar met Dolby Atmos ten gehore gebracht wordt. Moet gezegd worden: het klinkt als een klok, ideaal voor filmliefhebbers die wel een breed geluidsbeeld wensen maar niet hun hele kamer vol met speakers willen zetten.


Pascale Meijers loopt even mee door de zaak. Heel aardig om nu alles wat normaliter via persberichten gecommuniceerd wordt in real life te zien. De communicatie verloopt geheel in het Nederlands, want Meijers is een rasechte Limburgse die inmiddels alweer een decennia of drie in Berlijn woont. Zij is Team Lead International Projects & NL/BE bij Teufel. Lopend door de winkelruimte zien we niet alleen de huidige productreeks, maar ook diverse historische speakers en apparaten. Waaronder een mooie set van porselein, da’s weer eens wat anders! Hoofdtelefoons zijn er ook in tal van maten en soorten, waaronder een uitgebreid arsenaal aan gaming-hoofdtelefoons.
Op de beloofde benedenverdieping – de kelder dus eigenlijk, want onder straatniveau – staan de meer voor onder andere professioneel gebruik bedoelde settings uitgestald. Daarmee bedoelen we een DJ-booth met apparatuur van Pioneer – een partner in deze tak van sport – gekoppeld aan bijvoorbeeld de welbekende Rockster 2. Verder is er nog een mooie demoruimte waar speakers en soundbars zijn te beluisteren. De meest recente Cinebar 22 klinkt daar in ieder geval alvast veel groter dan z’n bescheiden afmetingen doen vermoeden.


Mocht je zo eens in Berlijn zijn of daar (al dan niet in de buurt) wonen: altijd leuk om eens een bezoekje aan deze flagship store te brengen. Al was het maar omdat je daar spullen kunt bekijken en beluisteren, iets wat online niet kan natuurlijk (vooral het beluisteren niet).


Groeien maar, ook in Nederland


Tijd om met de volgende persoon om tafel te gaan zitten: Rob Peters. Klinkt ook al verdacht Nederlands en dat blijkt als een zwerende vinger te kloppen. Peters is CRO, ofwel Chief Revenue Officer. Wat feitelijk (en wat kort door de bocht genomen) betekent dat hij moet zorgen voor groei in z’n algemeenheid, nieuwe markten aanboren en al bestaande groter maken. Wat dat betreft alvast één nieuwtje dat tijdens het gesprek boven kwam drijven: voor Nederland, maar bijvoorbeeld ook Polen – staat een Teufel flagship store op het programma! Goed nieuws, want die hebben we nog nergens in ons land. Heel kort is er een tijdelijke versie in Amsterdam geweest, maar dat was het. Verder is Teufel tegenwoordig online verkrijgbaar op de marktplaats van Mediamarkt. Maar dat is allemaal heden. Want hoe is Teufel eigenlijk ooit ontstaan?
Peter Tschimmel: grondlegger
Peters vertelt het verhaal, dat hij ongetwijfeld al vele keren heeft gedeeld. In 1979 werd in West-Berlijn (zoals dat toen officieel heette, dankzij een akkefietje met een vervelende muur die dwars door de stad heen liep) Teufel opgericht. Oprichter Peter Tschimmel leverde met zijn bedrijf bouwpakketten van luidsprekers. In die jaren (en aanpalende jaren tachtig) was dat voor velen een geliefde bezigheid. Kennis van bouwtechnieken, elektronica en alles wat daarmee samenhing beleefden hun hoogtijdagen. Toch vermoedde ook Teufel al dat de markt zou veranderen. Hun eerste kant-en-klare product was de M 200 speaker en bijbehorende M6000 subwoofer.
Tot aan 1990 leverde het bedrijf via tussenhandelaren aan consumenten. Ofwel: gewoon een winkel inlopen, pakken, betalen en mee naar huis nemen. In 1990 schakelde de fabrikant naar z’n huidige verkoopmodel: rechtstreeks van bedrijf naar klant. Daarmee kun je kosten lager houden en geheel in eigen beheer. Wat dat betreft waren de Berlijners er natuurlijk vroeg bij, want internet bestond nog niet in de vorm zoals nu. Vermeldenswaardig uit de bedrijfsgeschiedenis is nog, dat Teufel bij de introductie van de DVD in 1995 als eerste in Europa een 5.1-surroundsysteem klaar had staan. We hebben het dan over de Theater 2, met center- dipool-rear-speakers en een sub.
Kopen en verkopen

Ontwikkeling vindt nog altijd plaats in Duitsland. Om heel precies te zijn: aan de andere kant van de straat op de bovenverdiepingen van dat al genoemde Europa Center. We gaan daar vast nog wel eens een meer technisch kijkje in de keuken nemen al we weer eens in de buurt zijn! In Berlijn werken in totaal zo’n 300 mensen, terwijl opslag en logistiek in Hamburg gesitueerd zijn. Fabricage vindt – zoals bij vrijwel elke fabrikant tegenwoordig – plaats in China. In datzelfde China zijn ook nog zo’n 50 werknemers actief die zich daar bezighouden met voorraadbeheer en verkoop. Al met al een inmiddels groot bedrijf, ontstaan uit een relatief bescheiden begin. Een bedrijf ook, dat zich heeft weten aan te passen aan de tijd, veranderende consumentenwensen en meer.


Volgens Rob Peters vindt Teufel het belangrijk dat producten ondanks een hoge kwaliteit betaalbaar blijven. Die prijs-kwaliteit-verhouding is bij diverse high-end-merken nog wel eens flink zoek. Inmiddels is de mok koffie leeg, tijd om te vertrekken. En vast nog wel eens tot ziens, maar dan meer gericht op de techniek en ontwikkeling.





